(1)In drie afleveringen geeft Jan Veerbeek aandacht aan het standaardwerk van de Amerikaanse hoogleraar Janet O. Hagberg: Real Power. Stages of personal power in organizations - 3rd ed. [2003]; ISBN: 1-879215-46-2.
[Reacties zijn welkom via jan.veerbeek@opengeloofsgemeenschap.org. Wie belangstelling heeft voor een gespreksgroep, workshop of mailcontact over dit onderwerp kan dat melden via hetzelfde mailadres.] In 1988 kreeg ik tijdens een schoolleiderscursus voor het eerst te maken met het gedachtegoed van de Amerikaanse hoogleraar Janet Hagberg. Ik was onder de indruk. In 1995 schafte ik de tweede druk van haar boek Real Power aan en verwerkte de inhoud in een scriptie over mijn persoonlijke visie op pastoraal werk. De sterk gewijzigde derde druk van Real Power [2003] heb ik graag onder handbereik.
Drie opmerkingen vooraf:
Fase ÉÉN: Afhankelijkheid Ieder mens begint zijn leven hulpeloos. Maar de hulpeloosheid van een baby brengt een volwassene er wel toe in de nacht het bed te verlaten en het kind te gaan voeden. Over ‘power’ gesproken…! Leiders die fase 1 als thuisbasis hebben, beschikken over geen andere machtsmiddelen dan manipulatie of onderdrukking. Angst weerhoudt velen ervan om dit stadium te verlaten. Maar een positieve ontwikkeling is mogelijk als men de eigen deskundigheid en (daardoor) het gevoel van eigenwaarde vergroot. Een eerste stap daartoe is de wil om te veranderen, als tweede noemt Hagberg het zich aansluiten bij een of meer anderen. Een kenmerkend voorbeeld is een vereniging van lotgenoten. Daarmee slaat men de weg in naar fase TWEE.
Fase TWEE: Verbinding met anderen 'Samen ben je sterk' is het devies in de tweede fase. Vaak is er sprake van een voorbeeldfiguur, die als coach of mentor wordt beschouwd, of van een groep waar men in opgaat en waarbinnen men zich veilig voelt. Voor sommigen, volgens Janet Hagberg zijn dat vooral vrouwen, lijkt deze fase het eindstation van de ontwikkeling. Zij willen niet doorstoten naar een stadium waarin zij meer verantwoordelijkheid moeten dragen, of durven dat niet te doen. Anderen zijn vooral 'op doortocht' in TWEE. Dan gaat het om een leer- en uitprobeerfase, waardoor men toegroeit naar een volgend stadium. Nieuwe rollen geven dan nieuwe mogelijkheden, de wereld wordt groter. Eerlijk zelfonderzoek kan zicht geven op de eigen waarde binnen het grotere geheel. De leider die TWEE als thuisbasis heeft, probeert vaak invloed uit te oefenen door middel van verleiding (‘Jij bent mijn vriendje’). In bedrijven treffen we dit type veel aan in een functie als assistent of adjunct, in het traditionele gezin 'kiest' de minst dominante ouder vaak een positie die hoort bij TWEE. Een te grote afhankelijkheid van het idool beïnvloedt de persoonlijke ontplooiing negatief. Als het zelfbewustzijn toeneemt is een ontwikkeling in de richting van DRIE mogelijk. Daarvoor is assertiviteit nodig, inclusief de mogelijkheid om 'nee' te zeggen of het oneens te zijn met anderen.
Fase DRIE: Ambitie Wie veiligheid en geborgenheid durft loslaten, een nieuwe uitdaging zoekt en/of nieuwe relaties aangaat, komt in het dynamische derde stadium. Deze fase wordt gekenmerkt door zelfbewustzijn, prestatie, realistische competitie. Belangrijke statussymbolen zijn: salaris, titels, het aantal ondergeschikten; het sleutelwoord is ‘control’: beheersing. Volgens Janet Hagberg voelen veel vrouwen zich niet prettig in DRIE. Zij blijven in TWEE óf slaan DRIE als het ware over en gaan rechtstreeks door naar de verinnerlijking en verdieping van VIER. Iemand die DRIE als thuisbasis heeft, wordt in de samenleving vaak als 'de echte leider' gezien. Oppervlakkig bezien lijkt deze fase inderdaad het toppunt van ‘power’, maar Hagberg ziet dat anders. In haar visie eindigt de groei hier niet, maar is er na fase DRIE vaak behoefte aan een anders gerichte ontwikkeling. Een mens treedt in de stadia 1, 2 en 3 steeds meer naar buiten, in de stadia 4, 5 en 6 krijgt het innerlijk meer aandacht. Zo ontstaat er ruimte voor ‘Real Power’, als resultante van externe kracht (de capaciteit om te handelen) en interne kracht (reflectie). De overgang naar DRIE naar VIER wordt vaak afgedwongen door een crisis. Daardoor heeft men de kans een andere wending te geven aan het leven of kan men leren op een andere manier naar het leven te kijken. Jan Veerbeek jan.veerbeek@opengeloofsgemeenschap.org
|