Nanda-Jan‎ > ‎

gehoord - gezien - gelezen...

... door Jan Veerbeek
(deze serie wordt m.i.v. 2012 voortgezet op www.nandajan.nl) 
 

Ontwapenend

(25 december 2010)
Vanmorgen ontmoette ik Jan Dijksterhuis in het Veenendaalse NPB-huis. En in hem Liu Xiaobo, Chinees mensenrechtenactivist, winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede 2010.
Het gesprek ging over oude kerstverhalen en wat we daar nu mee kunnen. Opeens haalde Jan een krantenknipsel te voorschijn en las hij enkele fragmenten uit de verklaring die Liu Xiaobo in december 2009 aflegde voor de rechtbank in Peking, voordat hij werd veroordeeld tot elf jaar gevangenisstraf.
“Ik heb geen vijanden en ik voel geen haat.”
Dat is de openingszin van die verklaring.
De agenten die hem volgden, arresteerden en ondervroegen,
de aanklagers, de rechters – geen van hen ziet hij als zijn vijand.
Hij verwerpt de vrijheidsberoving met alles wat in hem is, maar zegt tegen de mensen die de beroving uitvoerden: “Ik heb respect voor uw professie en uw integriteit.”
Ondanks alles wat hem is aangedaan, blijft Liu Xiaobo optimist. Ook als het gaat om een toekomstig vrij China. Zijn motivering is ontwapenend: “Er is geen macht die een einde kan maken aan het menselijk verlangen naar vrijheid.” 

 

 Als je wilt kun je deze bijzondere zin nalezen in de context:   www.trouw.nl/opinie/podium/article3334183.ece/Eens_zal_China__een_vrij_land_worden_ .html

Liegen omdat je het lollig vindt

(18 december 2010)
Als kind verslond ik de boeken van L. Penning over de Zuid-Afrikaanse boerenopstand tegen ‘de rooineks’, het gehate Engelse gezag. In een van die verhalen kreeg iemand die gezocht werd door Engelse militairen, onderdak bij een Afrikaanse boer.
Diepe indruk maakte destijds op mij de manier waarop die boer een godsdienstig dilemma oploste: hij wilde de vluchteling die zich in zijn huis had verstopt, beslist niet verraden, maar mocht ook niet liegen. 
Hij zei zeer beslist tegen de Engelsman: “Hij is hier niet” – en sloeg onderwijl met zijn hand op de tafel… Ik vond dat toen het toppunt van eerlijkheid.

In de serie van Arjan Visser Tien Geboden (dagblad Trouw) was vandaag Peter Müller aan de beurt, beter bekend als A.L. Snijders, de schrijver en bedenker van het genre ZKV: Zeer Korte Verhalen. Met een glimlach las ik zijn reactie op het negende gebod 'geen vals getuigenis spreken':
“Ik heb twee theorieën.
A: de leugen is het smeermiddel van de maatschappij
en B: een dubbele moraal is absoluut noodzakelijk.
Iedereen heeft een dubbele moraal, zonder een uitzondering. Vervolgens moet je je afvragen: waar trek ik een grens? Ik houd zelf namelijk erg van leugens – liegen is verbeelden – en toch geloof ik dat je ze zo min mogelijk tot eigen voordeel moet aanwenden. Als je dat doet, wordt het handel. Je moet dus vrijblijvend, vrij en blijvend, liegen. Gewoon, omdat je het lollig vindt. En geen al te grote leugens, nee. Het walletje moet wel bij het schuurtje blijven.”

Wat een verschil...

Allah moet ik vrezen

(5 december 2010)
Vanmorgen trof mij  - in het NPB-huis Veenendaal ja, alwéér! - een schrijfsel van Els de Roo: 'Allah moet ik vrezen'. Met haar toestemming is de tekst integraal opgenomen op de subpagina 
Kom dichterbij.

 

Hiernamaals

(21 november 2010)
De redactie van Ruimte in 't Veen - het contactblad van de NPB Veenendaal - vroeg de lezers: Hoe ziet u het hiernamaals? Mijn eerste gedachte was: hiernamaals - daar ben ik helemaal niet mee bezig; ik probeer in het hier en nu te leven en daarmee heb ik het zo nu en dan druk genoeg.
Maar de vraag liet me toch niet los. Ik zag namelijk opeens dat sommige overledenen deel uitmaken van mijn 'hier en nu'. Gestorven familieleden,  vrienden en collega’s van vroeger kunnen zo maar opeens opduiken in mijn denken. Soms heb ik zelfs het gevoel dat ik met hen kan ‘communiceren’. Dat ik hun vanuit het hier en nu kan laten weten dat zij een bijzonder plekje in mijn leven hebben ingenomen en dat ik met dankbaarheid aan hen denk. Als ik indertijd onenigheid of zelfs ruzie met iemand heb gehad, vraag ik die persoon  om als het kan met een glimlach aan mij te denken en anders zo veel mogelijk afstand van mij te nemen.
Ik verlies mezelf daar niet in en ik ontleen er ook geen enkel recht aan. Het is gewoon mijn manier om het verleden met rust te laten.